luistermee3       facebook      logohv

Nooit niks... > weblog Ina

Je hebt het vast wel eens iemand horen zeggen: ‘Hij doet nooit niks!’
Diegene bedoelt dan waarschijnlijk, dat die persoon nooit iets uitvoert, maar ‘nooit niks’ heeft letterlijk natuurlijk precies een andere betekenis. Nooit niks = altijd iets.
Welnu, tot voor een aantal weken, deed ik ‘nooit niks’ en dat in de meest letterlijke zin.
Dat besef ik pas, nu ik gedwongen heel vaak ‘niks’ doe.
Schrijven is niet alleen mijn werk, ook mijn passie en plezier.
Twee romans, een kinderboekje en meestal ook nog een boekje rondom de Bijbel per jaar schrijven, dat kan alleen als je zelf erg veel plezier beleeft aan dat schrijven.
Zeker als je daarnaast gewoon een huishouden en wat vrijwilligerswerk wilt doen, alsmede minstens een dag in de week op de kleinkinderen past. Fijn, dat je dan ’s avonds kunt lezen, om je boekrecensies te kunnen aanleveren, drie per maand.
Dit vertel ik niet, om je te overtuigen dat ik erg druk ben, maar om te laten zien, dat daarbij geen ruimte is voor ‘niks’ doen. En ik voelde me er gelukkig bij.
Maar toen...

Sinds een week of zes heb ik oogproblemen, steeds groter wordende oogproblemen. Het gevolg daarvan is, dat ik momenteel alleen nog in de ochtend achter mijn scherm kan werken of kan lezen, op een erg goede dag begin van de middag nog een uurtje, maar de rest van de dag is het klaar, over en uit!
En dat is heftig en moeilijk! Want wat doe je, als je niet kunt lezen, geen tv kijken, niet op de laptop kunt werken?
Zitten dus en niks doen. Nou ja, nu overdrijf ik natuurlijk, mijn oren doen het prima. De eerste weken luisterde ik, met name ’s avonds, muziek en oudere preken, die me hadden aangesproken.
Maar heus, 2 preken op een avond en de cd’s van Sela, geven op de duur ook verzadiging. Getergd zit ik op de bank, ogen op niets gericht.
In een poging toch mijn boekrecensies op tijd in te leveren, pakte ik het dunste boekje dat me ooit was toegestuurd: ‘Steekje los? Een vrolijk burn-out boekje’ door Guurtje Leguijt.
Nee, ik heb geen burn-out, maar herkende veel in dat boekje.
Twee dingen spraken me bijzonder aan en die geef ik graag door:
‘Leer nietsdoen!’
Inderdaad, niets doen is een kunst voor wie altijd druk is/wil zijn.
Het tweede wat ik graag doorgeef is het volgende: De auteur keek naar haar eigen, omgevallen standbeeld. Dat van altijd drukke, bezige vrouw, die toch zo leuk kon schrijven.
Nu in gruzelementen op de grond. Op de sokkel stonden voorheen de woorden waarin beschreven werd hoe goed ze toch bezig was. Maar nu was ze nergens meer mee bezig.
Die prijzende woorden waren ook verdwenen. Ze was niemand meer.
Of toch wel? Weet je wat ze nu op de lege sokkel las?
‘Geliefde dochter van de Vader’...

Niks-doen stemt tot nadenken...

terras

 

 

 

Een nieuw jaar, een frisse blik... > weblog Ina

Onze jongste kleinzoon zit in de ‘waarom-fase’. Soms vermoeiend, maar vooral boeiend! Want opeens ga je zelf nadenken over dingen, waarover je eigenlijk al lang niet meer nadacht.
‘Kom maar, dan mag je Noortje aaien.’
‘Waarom?’
‘Omdat poezen dat lekker vinden.’
‘Waarom?’
Een simpel voorbeeld. Waarom wil een poes geaaid worden? Tja.. daar denk ik nooit over na, tot vandaag, dus.

Ook verfrissend kunnen gesprekken met jongeren zijn. Dingen in de kerk die nu eenmaal zijn zoals ze altijd waren, zijn voor veel jongeren helemaal niet zo vanzelfsprekend. Ze komen met hun ‘waarom’ en ‘waarom niet’. Dan ga je zelf ook opnieuw nadenken: waarom doen we dat eigenlijk zo en waarom niet anders? En wat zou er op tegen zijn om het wel eens anders te gaan doen? De verleiding is groot om te denken, dat het toch altijd goed is geweest, dus waarom zou je dingen dan veranderen?
Waarom? Misschien beter om eens te denken: waarom niet? Waarom zou er niet naar die jongeren geluisterd kunnen worden, overlegd worden om er samen eens naar te kijken wat anders kan en wat toch beter niet. Waarom zouden we denken, dat wij ouderen, de wijsheid in pacht hebben? Dat alles moet blijven zoals het is?

En net zo verfrissend kan een gesprek met een oudere zijn, zo ervaar ik regelmatig.
Tijdens bezoekjes die ik hier en daar afleg, bij kerkgaande zowel niet kerkgaande senioren, komen er soms ook allerlei waarom-vragen op tafel. Vragen over de gang van zaken in onze kerk, maar soms ook allerlei grote vragen, vragen waarmee miljoenen mensen zitten.
Waarom grijpt God niet in, in deze wereld vol oorlog en ellende? Waarom is er zoveel verdeeldheid in alle kerken? Waarom gelooft de een wel en de ander niet?
Ik moet de meeste antwoorden schuldig blijven. Er is heel veel wat we niet begrijpen, we moeten zeker maar niet proberen om God te begrijpen.
Maar we mogen Hem vertrouwen, als een kind aan de hand van de Vader gaan.

Toch, een aantal van die ‘waarom vragen’, zijn misschien niet zo verkeerd, denk ik. Ze houden ons alert, laten ons nadenken, over kleine en grote dingen.
Laten we open staan voor elkaar, voor jongeren en ouderen en samen zoeken naar de wil van God en niet naar onze eigen wil, al is dat soms nog zo verleidelijk.
Laten we al onze vragen biddend bij God brengen.
Waarom? Omdat het daar de beste plek is voor al onze waaroms!
Ik wens u/jullie allemaal een zegenrijk Nieuwjaar!
Een jaar met onderlinge liefde, begrip en verdraagzaamheid.

samen

 

 

Zwarte piet en het kind in de kribbe... > weblog Ina

Wat maken we ons druk met z’n allen! Zwarte Piet of Roetpiet? Of toch gekleurde Piet, Stroopwafelpiet of gewoon Piet...
We demonstreren en verkondigen onze mening op Facebook en Twitter. Winden ons op, laten ons horen!
En de doelgroep, de kindertjes met hun geloof in de Sint en zijn Pieten? Ach, de meeste kinderen gaat de hele discussie voorbij. Zal ze een zorg zijn welke kleur die Pieten hebben! Ze horen gewoon bij Sinterklaas, delen pepernoten uit, maken grappen en doen raar. Ik keek met een kleinzoon naar het Sinterklaasjournaal, maar ik hoorde geen enkele opmerking over de verschillende kleuren Pieten.
Maar wij volwassenen, wij zijn bezorgd: pas op, blijf af van het ‘ware’ sinterklaasfeest!

Na 5 december schakelen we snel over naar het volgende feest.
Ook dat feest lijkt steeds meer een andere uitstraling te krijgen, maar gek, daar lijken niet veel mensen zich druk om te maken.
Het Kind in de kribbe, waar eigenlijk het hele Kerstfeest op gebaseerd is, raakt langzaam maar zeker steeds verder op de achtergrond. Hij lijkt te verdwijnen achter bergen lekker eten, feestelijke aanbiedingen, glinsterende versieringen en cadeautjes.
Is het u al opgevallen, in een radioreclame, en ook in een enkele folder?
Daar wordt soms al helemaal niet eens meer gesproken over Kerstfeest, maar over ‘lichtjesfeest’.
Je kon je natuurlijk al langer afvragen, wat de aangeprezen zaken nog met Kerstfeest te maken hadden...
Lichtjesfeest... klinkt best heel gezellig, toch? Maar waarom spreekt men van lichtfeest in plaats van Kerstfeest?
Ik ben bang dat dat te maken heeft met ‘rekening houden met alle Nederlanders en medelanders’.
En winden wij ons daarover op, laten wij ons daarover horen, op Facebook en Twitter?

Me druk maken over het al niet verdwijnen van Zwarte Piet?
Nee, ik maak me drukker over de verdwijning van Het Kind in de kribbe
Pas op, blijf van het ‘ware’ Kerstfeest af!
Ik wens u/jullie allemaal een licht en gezegend KERSTFEEST!

poinsettia 528006 960 720

 

 

 

Op de verkeerde baan... > weblog Ina

OP DE VERKEERDE BAAN…

Een paar weken geleden haalde ik een collega/vriendin op van het station in Vleuten. Al pratend reden we in de auto weg bij het station, in de richting van winkelcentrum Vleuterweide, waar we zouden lunchen. Bij de verkeerslichten wachtte ik keurig voor het rode licht en toen dat plaats maakte voor groen, stak ik de weg over en reed de wijk in. Nog steeds druk pratend, natuurlijk. Al na enkele tientallen meters gebeurde er iets: van de tegengestelde richting naderde een bus, de chauffeur seinde met zijn lichten naar me en in het passeren, maakte hij een of ander vaag gebaar met zijn hand. ‘Wat wil je, man!’ mompelde ik en zonder ons gesprek te onderbreken reed ik verder.

Maar opeens besefte ik wat er aan de hand was, ik reed op de busbaan! Bij het oversteken had ik niet zo goed opgelet en was niet de gewone weg, maar de busbaan opgereden. Nu was dat niet zo dom als het lijkt, want net voor het verkeerslicht, werd het verkeer een stukje over de busbaan geleid. Maar ja, bij het oversteken had ik natuurlijk de gewone weg weer moeten kiezen. En eenmaal op die busbaan, kon ik niet direct terug naar de weg. Natuurlijk kwam er inmiddels ook een bus achter me rijden, die ook al zo nodig met zijn lichten moest seinen en ten overvloede nog eens flink toeterde. Even kreeg ik toch wel een gevoel van lichte paniek, help, wat nu…? Er was uiteraard maar één oplossing: doorrijden tot de volgende kruising en daar de busbaan verlaten. En dat deed ik dan ook, ik kreeg nog een boze claxon toe van de achter me rijdende buschauffeur. Beetje overdreven, als je het mij vraagt. Maar ja, misschien had hij slecht geslapen of zo.

Wat is nu de grap van het geheel? Zolang die busbaan daar ligt, roep ik regelmatig: ‘Eigenlijk wil ik gewoon een keer over die busbaan rijden met de auto, gewoon vanaf het begin tot aan het einde, in de wijk Veldhuizen. Misschien moet ik het gewoon een keer doen.’ Mijn man wijst me dan op de boete, die ik ongetwijfeld krijg als de politie me ziet gaan, en dus had ik die snode plannen nog nooit uitgevoerd. Voor het geld van zo’n boete kun je beter een keer lekker gaan eten, nietwaar?

En nu, wat is de les hieruit? Je kunt beter in het rechte spoor, oftewel op de goede baan, blijven. En nog een: Het begeren is altijd meer dan het hebben…

rechteweg

 

 

Onvoltooid... > weblog Ina

ONVOLTOOID...

Ik ben een bijzonder boekje aan het lezen. ‘Onvoltooid’ is de titel. Nee, ik weet het, dit is geen pagina voor boekrecensies, maar toch wil ik er iets over vertellen. De auteur schrijft over een fictief stadje, waar op een tweede kerstdag iets merkwaardigs gebeurt. Alle ‘gelovigen’, aangesloten bij diverse kerken van de stad, worden deze ochtend wakker en merken dat ze hun ‘kerkelijk geheugen’ totaal kwijt zijn. Ze weten allemaal nog dat ze Christen zijn, dat ze bij een kerk hoorden, maar welke kerk? Geen idee! Ook de vier dominees hebben geen enkel benul aan welke kerk ze verbonden waren. Natuurlijk zouden ze in de computer alle gegevens kunnen vinden, maar men besluit het anders te doen. Ze gaan met elkaar in gesprek om te zoeken naar wat hen verbindt en niet naar wat hen scheidde. Al snel komen er dingen boven, die op verschillende opvattingen wijzen, maar ze zoeken verder: naar overeenkomsten! Zijn er echt dusdanige verschillen, dat ze niet samen een gemeente kunnen vormen?


Natuurlijk, een onzin-verhaal. Maar toch? Ik hoorde de auteur van dit boek in een lezing vertellen, waarom hij dit boekje schreef. De gedachte, dat als Jezus, de bruidegom, terug komt, zal het Hem dan niet enorm veel verdriet doen dat zijn bruid zo verdeeld is? Waar en waarom is het in het verleden toch mis gegaan, waarom waren er steeds weer splitsingen, nieuwe groeperingen die een eigen kerk gingen vormen? Soms over grote, maar vaak over relatief kleine zaken?

Misschien moeten ook wij met meer liefde naar elkaar kijken, niet altijd op onze strepen blijven staan en naast alle verschillen in opvattingen en overtuiging, vooral kijken naar wat ons bindt met onze broeders en zusters in de andere christelijke kerken: de liefde voor onze Here Jezus Christus. Ach nee, ik verwacht niet dat we het helemaal een(s) worden, maar toch is het goed daar eens over na te denken. En misschien in de eerste plaats over wat ons samenbindt binnen onze eigen kerk, zodat we niet verder versnipperen. Laten we kijken naar de dingen die we delen, elkaar in liefde vasthouden.

Opdat zij allen één zijn.. (Johannes 17:21).

En hoe mijn boek afloopt? Zo ver ben ik nog niet. Maar wie het weten wil? Vraag het me binnenkort maar eens...

bijbel3

 

 

Onbereikbaar... > weblog Ina

ONBEREIKBAAR!

Half augustus gingen we nog een paar dagen naar Texel. Ik had er zin in, de Waddeneilanden hebben altijd weer iets bijzonders, vind ik.
Zodra de boot wegvaart, krijg je het gevoel alles even achter je te laten, overal los van te komen. Geen werkdruk, deadlines, verplichtingen of na te komen afspraken, gewoon even een paar dagen ontspannen!
Dat verwachtte ik dus ook deze keer toen we ’s morgens al bijtijds in de auto stapten, erop gericht de boot van tien uur te halen. De zon scheen en het beloofde een mooie dag te worden.
We waren nog geen half uur onderweg, toen ik geschrokken naar mijn tas greep en rondgrabbelde in alle vakjes.
Ik zou toch niet.... Ik had toch niet...
Ja, dus!
Hij lag nog thuis, ik zag het voor me, op het aanrecht, naast het koffiezetapparaat. Daar had ik het laatst voor vertrek gestaan toen ik koffie in de thermoskan goot.
Waar ik het over heb?
Mijn telefoon. Dat kleine apparaatje, dat de hele dag in mijn buurt is, in mijn zak of naast me op tafel als ik achter de laptop zit.
Dat kleine dingetje, waarop Appjes en mailtjes binnenkomen, waarop ik via internet van alles kan opzoeken en waarmee ik contact kan maken via gesprekken of Facebook.
‘Nou en?’ zegt u misschien, ‘je kunt toch wel een paar dagen zonder die telefoon?’
Als iemand me dat een week eerder had gevraagd, zou ik dat direct beaamd hebben. ‘Natuurlijk kan ik hem prima missen, ik ben niet verslaafd aan dat ding. Het is gewoon gemakkelijk, meer niet hoor...’
Maar nu?
‘Mijn telefoon ligt nog thuis!’ zei ik ontzet. ‘We kunnen zeker niet... even...?’
‘Teruggaan?’ Manlief dacht dat ik een grapje maakte. Maar ik meende het echt.
‘Natuurlijk niet!’
En ik begreep dat dat inderdaad wat overdreven zou zijn. Maar echt, ik moest mezelf even toespreken om niet chagrijnig te worden.
En het is gelukt! Ik bleek in staat om twee dagen te overleven zonder telefoon.

Mede-telefoon-verslaafden zullen enigszins tot helemaal begrijpen dat ik echt even een knop moest omzetten bij de ontdekking in de auto.
Niet-verslaafden zullen hun hoofd schudden en woorden als ‘zielig, belachelijk of overdreven’ mompelen.
Het was zeker een eye-opener voor mij. Is die telefoon zo belangrijk? Kan ik zo slecht zonder die contacten?
Ik kijk weer wat kritischer naar het ding. Ja, het is handig, ja, ik kijk er regelmatig even op. En ook voor ‘goede’ dingen gebruik ik hem. ’s Morgens na het wakker worden, begin ik de dag met het lezen van de Bijbeltekst van die dag, het ‘Dagelijks Woord’.
Verder is het toch wel heel fijn, dat het allerbelangrijkste contact in mijn leven, niet via mijn telefoon loopt.
God is niet aan WhatsApp, Facebook of internet gebonden. Altijd bereikbaar, ook op de Wadden!

lighthouse 1111176 960 720

 

Nieuwe maan of volle maan... > weblog Ina

Nieuwe maan of volle maan…

Zou het er mee te maken hebben dat ik ‘Maan’ heet met m’n achternaam?
De maan intrigeert me altijd bijzonder.
Ik bedacht pas dat wij mensen eigenlijk erg veel lijken op de maan.
En dat bedoel ik als volgt: de maan laat zich zelden ‘ten volle’ zien, slechts één keer per periode van ongeveer een maand zien we de maan helemaal, tenzij hij zich dan toch nog snel achter een wolk verstopt.
De rest van de tijd zien we slechts een stukje, een groter of kleiner gedeelte van die maan.

Doen wij niet precies hetzelfde?
Hoe vaak laten we onszelf echt helemaal zien aan de ander? Hoe vaak laten we het achterste van onze tong zien, laten we ons echt in het hart kijken?
Een klein stukje, dat is geen probleem. En dan het liefst onze aardigste kant natuurlijk.
Maar onze stille verlangens, geheime gedachten, onze zwakheden en angsten, onze schuldgevoelens en onzekerheden, die verbergen we graag.
Er zijn ontmoetingen of gelegenheden, waarbij we wat meer open durven zijn, maar andere keren is het echt ‘nieuwe maan’ in ons leven. We laten maar een smal stukje zien, de rest blijft verborgen.
Als je een kleine maaksikkel ziet, vergeet je bijna, dat de volle maan prachtig rond en licht kan zijn.
Als we dat kleine stukje van de ander zien, weten we nauwelijks, wie en hoe die ander echt is.
Het voelt veilig om je te verbergen, je bent zo kwetsbaar als je je aan die ander toont zoals je bent.

Ook als wij alleen een kleine maansikkel zien, ziet God het geheel van dat machtige grote hemellichaam.
En evenzo: als wij ons beste sikkeltje voorzetten en de rest verstoppen, kent en ziet God ons helemaal. Tot in elk verborgen hoekje van ons hart.
Dat kan je soms benauwen, maar het is vooral een ontzettende troost. Hij kent je diepste gedachten, je meest verborgen zorgen en angsten. Onzichtbaar voor je medemens, volkomen open voor Hem.
Misschien dat we daarom zo graag psalm 139 zingen...?

maan

 

 

Nog even slapen...nog even...> weblog Ina

NOG EVEN SLAPEN... NOG EVEN...

Jaren geleden kreeg ik van mij huisarts een lichte slaappil, die me zou moeten helpen gemakkelijker in slaap te vallen. Nou dat deed hij. En hoe!! Zelfs na het nemen van een half tabletje sliep ik als de spreekwoordelijke bloem (die ik trouwens nooit heb zien slapen) en tot halverwege de volgende dag liep ik rond met een suf en duf hoofd. Waar voor m’n geld, dus!
Op een ander tijdstip moest ik voor een kleine ingreep naar het ziekenhuis. Ik kreeg een zogenaamd roesje toegediend. Ook dit werkte bij mij nogal heftig, uren was ik niet meer aanspreekbaar. Terwijl andere patiënten al lang waren verdwenen van de uitslaapzaal, stond mijn boterham en kopje koffie treurig naast me op het nachtkastje en ik snurkte vrolijk verder. Tot de verpleegkundige met vaste hand het boveneind van mijn bed rechtop zette en vriendelijk, doch vermanend sprak: ‘Mevrouw, nu echt wakker worden hoor, u moet wat eten en naar huis!’ Slaapdronken wankelde ik even later aan de arm van manlief het ziekenhuis uit.
En ja, dan die keer vorig jaar winter... Tijdens een stevige griep met veel gehoest schreef de huisarts me paracetamol met codeïne voor. Voor het slapen gaan twee tabletten innemen.
Nou, eentje was al genoeg om een lange nacht door te snurken!

Waarom ik u dit allemaal vertel? Wel, om u te doordringen van de kleine ramp die ik een tijdje terug over mezelf afriep.
Op een ochtend werd ik wakker met een zeurende hoofdpijn. Dat kon ik nu juist vandaag niet gebruiken! Er stond een afspraak gepland met een van mijn uitgevers en ’s middags een bespreking bij de bibliotheek over een lezing die ik zou geven. Een fit hoofd was dus vandaag een vereiste.
Ik besloot niet af te wachten wat mijn hoofd van plan was, maar resoluut drukte ik twee paracetamolletjes uit de strip. Op het moment dat ik ze doorslikte, besefte ik uit welk doosje ik mijn tabletjes genomen had... Paracetamol met codeïne, twee stuks!
Hoe ik de dag doorgekomen ben, weet ik niet goed meer. In elk geval liet ik de auto staan en reisde per trein, ik deed mijn best duidelijk te blijven articuleren en mijn ogen open te houden.
En de hele dag kwam de tekst uit Spreuken 6:10 in mijn hoofd.

Nog even dan? Nog even slapen, nog een beetje rusten...

newborn 1362148 960 720

Weer een jaartje verder... > weblog Ina

Een nieuw jaar doet je beseffen, dat je weer een jaar verder af bent van je eigen geboortejaar.
Nog nauwelijks gewend aan een 5 als eerste cijfer van mijn leeftijd, probeer ik nu al even te wennen aan die 6… Zelf voel ik me nog steeds hetzelfde als zo’n twintig jaar geleden, maar in de ogen van sommige anderen is dat toch blijkbaar anders…
Daarmee werd ik deze week weer stevig geconfronteerd. Mijn huisarts, die me doorstuurde, had me verteld dat het ‘een pittige jongedame’ was, maar beslist heel goed in haar werk. Had hij dit al voorzien misschien?

2015 2016

Nadat ze de brief van de huisarts had gelezen en me had uitgelegd waardoor mijn klachten veroorzaakt worden, keek ze me doordringend aan door haar bril en vroeg, duidelijk articulerend: ‘En, kunt u me nu vertellen, waarom u hier bent?’
Ik onderdrukte de neiging om te antwoorden: ‘Om het eerste kievitsei aan te bieden?’ Ik volstond met ongetwijfeld op wat geïrriteerde toon te antwoorden: ‘Hallo! Dat lijkt me duidelijk.’
‘Heel goed,’ zei ze en ging verder met haar onderzoek, maar de toon tussen ons was gezet.
En het werd nog wat erger. Nadat ze haar onderzoek had voltooid, verzocht ze me van de onderzoekstafel af te komen, ze bracht de tafel in beweging, maar voor hij tot bejaarden-afstap-hoogte was gedaald stond ik al naast haar.
‘Nou, dat doet u nog vlot!’ Brrr… die toon alleen al…
Ik weet het, ik weet het… in de ogen van een vrouw van halverwege de twintig is iemand wiens leeftijd met een 6 begint, vast oud, maar toch… Ik kreeg zin om haar even op de gang te zetten of zo. Maar ja…
Oké, ik heb behoorlijk last van die hielspoor, maar ik voel me echt nog niet toe aan het zijspoor.
Bijna 30 jaar geleden kwamen we hier in Harmelen wonen. Ik herinner me nog goed dat ik, net 30, mensen van boven de 50 best al een beetje oud vond. Maar hopelijk heb ik ze nooit benaderd op de wat belerende toon, zoals ik hier werd aangesproken.
En als dat wel zo was, bied ik bij deze mijn welgemeende excuses aan!

Offe… zou ik wat overgevoelig zijn op dit punt?

Toch maar weer een column > weblog Ina

‘Ik mis je columns,’ zei iemand tegen me.
‘Tja,’ reageerde ik, ‘ik dacht dat het gewoon tijd was om maar eens te stoppen…’
Drie dagen later: ‘Waarom schrijf je geen column meer? Ik las ze altijd graag.’
Zou ik dan toch maar weer…?

Lees meer

Gedicht Ina: Avondmaal

Gedicht > november 2015 > Ina van der Beek


Avondmaal

Brood en wijn
staan nu gereed
Ik ben verwonderd,
want ik weet:
Geen recht,
alleen genade!

De woorden klinken:
'Kom en eet,
want alle dingen
zijn gereed'
Geen recht,
alleen genade.

Gedenk Zijn dood
die leven geeft
opdat uw ziel
nieuw leven heeft
Geen recht,
alleen genade!

 


Lees meer van de gedichten en columns van Ina

Copyright Hervormde Gemeente Harmelen 2017 (klik hier voor de disclaimer)